We zijn allemaal gesteld op een prettige dienstverlening in de normale betekenis van het begrip. Dat je netjes wordt behandeld bij je garage, je groenteboer of je kapper. Of aan de telefoon, niet te vergeten. Ronduit allergisch ben ik echter voor die kleffe nederigheid die je tegenwoordig te beurt valt. Vooral in dure kledingzaken en pretentieuze restaurants. Waar mierzoete gladde heertjes behaagziek om je heen dreutelen. Zo'n ervaring had ik laatst bij Restaurant Vossius in Amsterdam. Het is er nogal prijzig, maar dat wist ik van tevoren. Hoewel: het blijft een aparte sensatie om 35 euro uit te geven voor 5 hapjes kreeftpap en 10 piek te betalen voor een doodgewone cappuccino. Maar ik had wat te vieren en dan moet je niet zeuren.
Wat veel erger was: HET WAS DAAR NIET LEUK!!! En dat lag niet aan het eten, dat kwam - u raadt het al - door de obers. Wat hebben ze daar bij Vossius treurige obers. En wat kunnen deze treurige obers een hoop onderdanige lulkoek uitkramen.
Gebrabbel over 'tussenhapjes die ons voldane gevoel zouden accentueren'. Over stukjes brood 'om de maag te kalmeren' vanwege die 5 happen kreeftpap.
Over 10 jaar ouwe port die 'mijn slokdarm een volmaakt naspel ging bezorgen' in een 'aanstekelijk duet met het stukje oude kaas'. Elk parkietenhapje werd kortom begeleid door een soort van slijmerig proza met geen andere bedoeling dan mijn ego te vleien.
Die obers waren zo onderdanig dat ik er bijna opstandig van werd. Je weet dat het een spel is, maar deze obers kruipen zo letterlijk over de grond dat je gewoon zin krijgt om ze te schoppen. Je denkt tijdens het hele diner: ik word hier zwaar in de maling genomen en dat is natuurlijk ook zo.
Wij reclamemensen kunnen accommoderen - dienstverlenend als we zijn van inborst - maar wij zijn stuntelige amateurs vergeleken met deze culinaire toneelspelers.
Ik vind altijd: oprechte mensen staan rechtop in deze wereld. Ze verstaan hun vak, verkopen hun product of verlenen je een dienst. Daar hoef je niet voortdurend bij te buigen en te likken. Kontkruipererij is dodelijk vermoeiend, vooral voor de ontvanger ervan.
Heren dienstverleners: mijn ego besprenkel ik zelf hoor. daar heb ik u niet voor nodig. Zet het bordje warm eten maar gewoon op tafel en scheer je weg.
Deze column verscheen eerder in “De stem van Eugène" (2002)". Veel van de gesproken columns zijn terug te luisteren via het archief van de Business Nieuws Radio-website
vrijdag 9 april 2010
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten